Vroeg starten met Engels - Corien van Zweden, journalist

Taal
Meertaligheid op basisscholen
Vroeg starten
met Engels
Engels leren vanaf groep 1 op de basisschool. Tien jaar geleden leek het
nog een utopie, maar inmiddels zijn al ruim 1000 van de 7000
Nederlandse basisscholen volop bezig met vroeg vreemdetalenonderwijs
(vvto). En het aantal scholen dat meedoet, stijgt snel blijkt uit de cijfers
van het Europees Platform.
Corien van Zweden
is freelance journalist
en moeder van twee
tto-leerlingen
Steeds meer
basisscholen
beginnen al in
groep 1 met
Engels
6
JSW 6 februari 2014
‘J
e geeft jonge kinderen de Engelse taal
mee als een mooi cadeau’, vindt basisschooldirecteur Wil Fritz. ‘Het is bijzonder om
te zien hoe makkelijk jonge kinderen zich een
vreemde taal eigen maken. Het lijkt bijna vanzelf te gaan. Vooral kleuters vinden het geweldig om in aanraking te komen met een nieuwe
taal. Apetrots zijn ze op hun eerste woordjes
Engels.’
Wil Fritz begon in 2003 op zijn Rotterdamse
basisschool als een van de eersten in Nederland te experimenteren met Engels vanaf
groep 1. Inmiddels is Fritz directeur van de
Edese Schoolvereniging. In samenwerking met
de Christelijke Hogeschool Ede heeft hij ook
op deze school vroeg Engels ingevoerd. Hij
legt uit: ‘Het begint eenvoudig. In de kleutergroepen geven we niet echt les. Het gaat spelenderwijs. We spreken de kinderen gewoon
een paar uur per week in het Engels aan. Op
die manier is het helemaal niet belastend.’
Op de Edese Schoolvereniging is Engels in alle
groepen twee uur per week de voertaal. Iedereen is eraan gewend en het loopt heel soepel,
volgens Fritz. Hij zegt: ‘Kinderen zijn flexibel en
kunnen probleemloos switchen van de ene taal
naar de andere. Het is wel belangrijk om structuur aan te brengen. Er moet een duidelijk
onderscheid zijn tussen de tijd waarin Nederlands de voertaal is en de tijd dat er Engels
wordt gesproken. Op onze school is het helder:
op het moment dat de vakleerkracht binnenkomt, is Engels de voertaal. Onze kinderen
beseffen niet eens dat deze juf ook Nederlands
kan spreken. Al je geen vakleerkracht hebt, kun
je iets anders verzinnen om de overgang te mar-
keren. Bijvoorbeeld:
wanneer de juf een
bepaalde sjaal om
doet, spreekt iedereen
Engels. Ik ken ook een
school waar Engels de
voertaal is, zodra de
kinderen door een plastic speelbuis heen zijn
gekropen.’
Weerstanden
Hoewel de ouders over het algemeen enthousiast zijn over vroeg Engels op de basisschool,
zijn er ook tegenstanders. ‘Zeker in het begin
was er wel weerstand’, zegt Fritz. ‘Mensen zijn
bang dat het Nederlands vanwege alle aandacht voor het Engels in de verdrukking komt.
Inmiddels is aangetoond – ook in het buitenland
– dat een vroege kennismaking met een
vreemde taal geen negatief effect heeft op de
kennis van de moedertaal (o.a. Flipp-onderzoek, 2012). Je stimuleert de taalgevoeligheid
bij kinderen. Uit onderzoek blijkt dat juist taalzwakke kleuters er een significant voordeel bij
hebben als ze vroeg met Engels in aanraking
komen (Van Berkel, 2012). Een ander voordeel
is dat allochtone en Nederlandse kinderen als
het om het leren van Engels gaat dezelfde positie innemen. Die gelijkwaardigheid geeft zelfvertrouwen.’
Over weerstanden kan ook docent Tine Stegenga van de Christelijke Hogeschool Ede meepraten. Zij is verantwoordelijk voor het keurmerk
TalenT dat in samenwerking met de Marnix Academie en de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen is ontwikkeld. Het keurmerk wordt ver-
Wilco van Dijen Fotografie/Europees Platform
leend aan basisscholen die vroeg Engels
aanbieden. Stegenga zegt: ‘Tegenstanders hebben vaak een voorstelling van zaken die niet
klopt. Ze zeggen: als je bij kinderen het emmertje met Engels vult, kan er geen Nederlands
meer bij. Zo blijken de hersenen niet te werken.
Kinderen leren een tweede – of zelfs derde taal
– probleemloos aan en zonder dat dat ten koste
gaat van de moedertaal. Dat zie je bijvoorbeeld in Catalonië in Spanje, waar leerlingen
op de basisschool Catalaans, Spaans en Engels
naast elkaar leren.’
Ook dichterbij huis kennen we voorbeelden van
drietaligheid. Op basisschool De Pôlle in het
Friese Marsum bijvoorbeeld spreken de kinderen
afwisselend Nederlands, Fries en Engels. Leerkracht Gellie Winkel vertelt: ‘Op onze school
bieden we de leerlingen acht jaar lang drie
talen aan. Al vanaf groep 1 wordt er drie middagen per week alleen maar Fries gepraat. We
gymmen en knutselen altijd in het Fries. Daarnaast doen ook de kleuters al een uur Engels
per week met een native speaker. Je ziet dat kinderen er helemaal geen problemen mee hebben. Ze vinden het leuk en switchen van taal
zonder dat ze er erg in hebben.’
Net als Wil Fritz benadrukt Gellie Winkel dat je
de talen wel gescheiden moet houden. ‘Op ons
schoolplein zie je dat kinderen Nederlands en
Fries door elkaar heen gebruiken, maar op
school houden we ze apart.’ Ze vertelt dat
overal in de school kaartjes zijn opgehangen
met in drie talen de betekenis van bepaalde
woorden. ‘Dat helpt bij het uitbreiden van hun
woordenschat.’
Experiment
In de maatschappij wordt het nut van vroeg
beginnen met Engels steeds meer ingezien. In
de zomer van 2013 liet staatssecretaris Sander
Dekker (OCW) weten dat hij basisscholen meer
ruimte wil geven om te experimenteren met
vroeg Engels. Dat is in lijn met afspraken die de
Europese ministers van onderwijs in 2000 hebben gemaakt. Alle kinderen in Europa zouden al
op de basisschool in aanraking moeten komen
met op z’n minst twee vreemde talen, vonden
de ministers toen. Het liefst een Lingua Franca
en een buurtaal. In Nederland zijn ook basisscholen die Frans, Duits of Spaans aanbieden,
maar de basisscholen waar Engels wordt gegeven zijn veruit in de meerderheid.
en
In kleutergroep
rwijs
wordt spelende
Engels geleerd
➔
JSW 6 februari 2014
7
Vanaf het
schooljaar
2014/2015 geven
twintig
basisscholen
volledig tweetalig
onderwijs
8
JSW 6 februari 2014
‘Het heeft even geduurd voordat we in Nederland serieus met vroeg vreemdetalenonderwijs
op de basisschool aan de slag zijn gegaan’,
zegt Tine Stegenga van de Christelijke Hogeschool Ede. ‘We hebben lang vastgehouden
aan de gewoonte om Engels pas vanaf groep
7 aan te bieden. Inmiddels zijn we bezig met
een snelle inhaalslag. Het aantal basisscholen
dat met vvto Engels begint, stijgt razendsnel en
ik zie veel enthousiasme.’ Onlangs is uit onderzoek van het CITO gebleken dat basisschoolkinderen die vvto Engels hebben gedaan significant beter presteren bij Engels in het voortgezet
onderwijs, dan klasgenootjes die alleen in
groep 7 en 8 Engels hebben gevolgd (Cito,
2013).
Vanaf het schooljaar 2014-2015 wil staatssecretaris Dekker bij wijze van experiment twintig
basisscholen toestaan om volledig tweetalig
onderwijs te gaan geven. In het middelbaar
onderwijs bestaan er al veel langer tweetalige
scholen, maar op de basisschool was tweetaligheid tot nu toe wettelijk onmogelijk. Dat gaat
dus veranderen. Op de basisscholen die meedoen aan het experiment zal 30 tot 50 procent
van de tijd les worden gegeven in een vreemde
taal. Dat zal in de meeste gevallen Engels zijn,
maar op scholen in de grensstreek zou ook voor
Duits kunnen worden gekozen.
Basisschool De Pôlle uit het Friese Marsum heeft
zich opgegeven om mee te doen aan het experiment – maar dan vanuit de gedachte van drietaligheid. Winkel: ‘We willen 50 procent van
de tijd aan Nederlands besteden, 30 procent
aan Engels en 20 procent aan Fries. We zijn
de enige Friese school die zich heeft aangemeld en we hopen heel erg dat we mee mogen
doen. We geloven erin. Meertaligheid heeft de
toekomst, daar zijn we van overtuigd. We
nemen daar graag het voortouw in.’
Verwerven of leren
Ook Tine Stegenga denkt dat we het steeds normaler zullen gaan vinden dat kinderen vroeg
met Engels beginnen. ‘We moeten erkennen dat
we het Engels in de toekomst heel hard nodig
zullen hebben’, zegt ze. ‘Bovendien zitten er
overduidelijke voordelen aan op jonge leeftijd
beginnen. Als je pas in groep 7 met een
vreemde taal start, zijn de kinderen hun onbevangenheid al een beetje kwijt. Het zijn al bijna
pubers die zich ervoor schamen om in een
vreemde taal te praten. Jongere kinderen kennen die barrière niet. Ze zitten middenin hun
taalgevoelige periode en pikken een nieuwe
taal vanzelfsprekend op. Dat gaat nog onbewust. Kinderen spelen met taal en imiteren de
volwassen. Dat is de manier waarop je ook je
moedertaal geleerd hebt.’
Grafiek 1 Groei aantal vvto-scholen (Bron: Europees Platform)
Onderzoekers maken onderscheid tussen het
verwerven en het leren van een taal. Het verwerven van een taal is een onbewust proces,
zoals je bij jonge kinderen ziet. Het lijkt vanzelf
te gaan. Een taal leren is iets anders. Dat speelt
zich af op bewust niveau. Je krijgt les, leert
grammatica en oefent woordjes en zinnetjes.
Op de basisscholen waar vroeg Engels wordt
aangeboden, gaat het in de eerste vier jaar
vooral om taalverwerving. Er komt nog geen
grammatica aan te pas.
Basisschooldirecteur Fritz vertelt: ‘De nadruk ligt
die eerste jaren volledig op communicatie: luisteren, praten, zingen. Bij ons op school ziet een
uur Engels in de onderbouw er zo uit: de eerste
tien minuten worden besteed aan een Engels
verhaaltje of liedje. Daarna gaan de kinderen
in kleine groepjes met de vakleerkracht aan het
werk. Uit onderzoek blijkt dat het rendement
van werken in kleine groepjes hoger is dan van
klassikale lessen. Lezen en schrijven en grammatica komen pas vanaf groep 5 aan de orde. Ik
denk niet dat je kinderen het lezen en schrijven
in twee talen tegelijk moet aanbieden. Dat kan
verwarrend zijn. Als ze lezen en spellen in het
Nederlandse redelijk beheersen, kun je met
Engelse spelling starten.’
Op de Friese basisschool De Pôlle doen ze het
precies zo. Winkel: ‘Met lezen en schrijven in
het Fries en in het Engels beginnen we pas in
groep 5. Dan zijn de meeste kinderen daar wel
aan toe. Alleen bij dyslectische kinderen kiezen
we soms een andere aanpak. Bij hen blijven
we vooral werken aan communiceren in het
Engels en het Fries. Zij hebben hun handen al
vol hebben aan lezen en spellen in het Nederlands.’
Geen ratjetoe
Om zicht te krijgen op wat basisscholen precies
doen op het gebied van vvto en om de kwaliteit
te waarborgen, zijn verschillende keurmerken
ontwikkeld. Stegenga zegt: ‘Er is de afgelopen
jaren veel onderzoek gedaan, waardoor
gemeenschappelijk gedachtengoed is ontstaan
ten aanzien van vvto. Een keurmerk is belangrijk om ervoor te zorgen dat we geen ratjetoe
krijgen. Je wilt voorkomen dat scholen tijd en
geld investeren in een manier van werken waarvan we weten dat de opbrengst laag is.’
Naast het TalenT keurmerk is er ook het keurmerk van het Rotterdamse EarlyBird. Voor drietalige Friese scholen bestaat er bovendien het
keurmerk van het in Drachten gevestigde onderwijsadviesbureau Cedin. Drie keurmerken, is
dat niet wat veel? Stegenga: ‘We werken veel
met elkaar samen en de criteria die we hanteren, zijn zeer vergelijkbaar. Alle drie de keurmerken worden door het Europees Platform
erkend. Een van de belangrijkste criteria is dat
er minimaal één uur Engels per week wordt
gesproken op één school. Onderzoek heeft uitgewezen dat op scholen die minder dan één
uur per week aan Engels besteden het rendement een stuk lager is. Natuurlijk is het leuk en
aardig om eens een Engels liedje met de kinderen te doen, maar echte resultaten kun je pas
verwachten als er structureel en minstens één
uur per week aan Engels wordt besteed. Daarnaast is het van belang dat de docenten goed
geschoold zijn en dat ze een speelse didactiek
kunnen hanteren. Ook internationalisering hoort
erbij, vinden we. Het is goed als scholen contacten onderhouden met het buitenland.’
Tip: Lees op pagina 18 meer over
e
Engelstalig onderwijs aan
kinderen!
jong
Passie
Een keurmerk krijgt een school niet zomaar. Er
moet een traject voor worden afgelegd. De
Edese Schoolverening heeft sinds 2008 het
keurmerk van EarlyBird. Schooldirecteur Fritz
vertelt hoe dat gegaan is. ‘Mensen van EarlyBird komen op school kijken hoe je het doet. Ze
vinden het belangrijk dat leerkrachten correct en
over de hele wereld verstaanbaar Engels spreken. Ook moet de school kunnen aantonen dat
docenten zich bijscholen als dat nodig is. EarlyBird is erg op communicatie gericht: luisteren en
spreken staan voorop. Bij de aansluiting met de
middelbare school is dat soms lastig voor onze
leerlingen. Daar moeten ze opeens vanuit de
grammatica leren denken. Dat valt in het begin
Overweeg je om vvto Engels in te voeren bij jou op school? Lees dan eerst goed
dit Stappenplan!
Stappenplan invoering vvto Engels
1Vraag het gratis informatiepakket vvto Engels aan via [email protected]
2Bestel het Handboek Vroeg vreemdetalenonderwijs met informatie over vvto,
onderzoek en praktijkvoorbeelden.
3Bestel het stappenplan Stepping Stones, van Paul Groot over de implementatie van vvto.
4Overleg met team: is vvto Engels wat voor onze school?
5Richt een werkgroep Engels op (taken: uitzoeken haalbaarheid, info over lesmateriaal, subsidies, scholing, onderzoek).
6Ga naar een voorlichtingsbijeenkomst over vvto Engels.
7Vraag zichtzendingen aan van lesmateriaal.
8Geef enkele proeflesjes (alleen door enthousiaste teamleden).
9Tijd voor een beslissing met hele team: Gaan we voor vvto Engels of niet?
10Vraag subsidie Bios Talen vvto aan bij Europees Platform.
11Gebruik de Handleiding vvto Engels als leidraad voor de invoering van vvto.
12Volg een cursus vvto Engels, bijvoorbeeld bij een van de zeven gespecialiseerde pabo’s in vvto. Zie www.europeesplatform.nl/vvto/vvto-engels/vvtoengels-pabo-kenniscentra-vvto/
13Volg een cursus vvto Engels in Engeland, bijvoorbeeld bij Pilgrims in Canterbury (met een studiebeurs).
14Schaf lesmateriaal aan.
15Start met de lessen Engels.
16Evalueer het programma aan de hand van de Landelijke Standaard vvto.
niet mee. Over de aansluiting op het middelbaar onderwijs moet goed worden nagedacht.
De meeste middelbare scholen kunnen nog niet
inspelen op een gedifferentieerde instroom. Dat
is jammer.’
Ook de Friese basisschool De Pôlle waar Winkel werkt, is gecertificeerd. Zij hebben het drietalige keurmerk van Cedin. ‘Het keurmerk geeft
iets extra’s’, zegt Winkel. ‘De school dwingt
zichzelf om eens goed de puntjes op de i te zetten. Dat kost tijd. Bij ons heeft het traject tweeënhalf jaar geduurd. We zijn trots op ons keurmerk. Ouders vragen er steeds vaker naar. Zij
vinden het belangrijk om te weten dat de kwaliteit in orde is.’ Stegenga ziet nog een ander
voordeel aan certificering. ‘Scholen moeten er
een extra inspanning voor leveren. Dat doen ze
met veel motivatie en passie. De invoering van
vroeg Engels betekent vaak een kwaliteitsimpuls
voor de hele school.’ ●
Meer weten?
Kijk voor meer informatie op:
•w
ww.europeesplatform.nl/
vvto/onderzoek/
•w
ww.europeesplatform.nl/
vvto/vvto-engels/vvto-engelskwaliteit
•w
ww.project-flipp.com
litera
tuur!
De literatuurlijst kun je downloaden op ww.jsw-online.nl
JSW 6 februari 2014
9